Landinformatie Slovenië

Slovenië - de jaren ‘90

Na Tito's dood kwam de omvang van de staatsschuld zichtbaar en klonk steeds luider de roep om afscheiding. Slovenië had 8% van de bevolking van Joegoslavië, maar leverde 20% van het Bruto Nationaal Produkt. Het land was net als Kroatië niet langer bereid een deel van zijn rijkdom af te staan aan de armere regio's.

Na het uiteenvallen van het IJzeren Gordijn vonden (net als de Kroaten) vele Slovenen dat de tijd aangebroken was om de invloed van het communisme (vanuit Belgrado) te stoppen. De eerste vrije verkiezingen in april 1990 brachten Milan Kucan aan de macht. Bij het referendum van 23 december 1990 sprak 88% van de kiesgerechtigden zich uit voor de onafhankelijkheid. Dit werd een feit op 25 juni 1991. Het federale leger van Joegoslavië ondernam gedurende 10 dagen nog een vergeefse poging om de grens met Italië en Oostenrijk onder Joegoslavische controle te houden. Desondanks kostte deze korte oorlog 66 levens. In oktober van dat jaar haalde Belgrado alle troepen weg uit Slovenië.

Toen de troepen zich hadden teruggetrokken, werd het stil rond de nieuwe staat, zo stil dat sommige Slovenen beweerden dat de westerse pers hun land vaak verwarde met Slowakijë of - erger nog - met het Kroatisch-Servische kruitvat Slavonië. Het land wilde alle banden met de Balkan uit de weg gaan en de herinnering aan het gemeenschappelijke front tegen Habsburgse, Duitse en Italiaanse dominantie uitwissen. Slovenië werd op 15 januari 1992 officieel erkend door de EEG (nu EG). Op 22 mei 1992 volgde toetreding tot de VN als 176e lid. Het land is eveneens lid van de CEFTA (Central European Free Trade Association), net als de landen Hongarije, Tsjechië, Slowakijë, Polen en Roemenië. Daarnaast volgde het lidmaatschap van de WEU (West Europese Unie).

Tekst zoals Slovenië in 1998 zich uitsprak over de lidmaatschap van de EU:
In 1997 is president Kucan voor een tweede termijn gekozen en in dit jaar heeft 60% zich positief uitgesproken over toetreding tot de EG. Nu hoopt het land met deze felbegeerde EG-lidmaatschap op een oplossing voor alle problemen. Nu is het land één van de sterkste economiën van de voormalig communistische landen in centraal- en Oost-Europa. De werkeloosheid is flink gedaald en het BNP per hoofd van de bevolking is zo sterk stijgende dat met verwacht dat het in 2002 EG-landen als Portugal en Griekenland voorbij streeft. Zo'n 70% van de buitenlandse handel is met de EG.

De toetreding tot de EU heeft inmiddels in 2004 plaatsgevonden en heeft Slovenië in 2007 de tolar verruild voor de euro.

Verder info over de periode tussen 1998 en 2008 volgt tzt.

Bron:
- Slovenia; 2e editie september 1998 (foto Tito, cijfers en uit het Engels vertaalde tekst)
- Globus Reisgids - Slovenië; 1e druk 1999 (alléén tekst)